vrijdag 12 augustus 2011

Bezieling

Vanochtend in bed lag ik het verschil tussen 'levende' en 'dode' materie te overdenken en kwam opeens uit bij wonder van de conceptie. Twee cellen smelten samen en er ontstaat een nieuw leven. Met een nieuwe ziel, dacht ik er achter aan. 
Maar wat is de ziel eigenlijk? Ik moet eerlijk zeggen dat ik het wel vreemd vind dat ik een weblog met de naam Zielekruid heb en me in deze hele blog nog nooit afgevraagd heb wat ik eigenlijk onder die ziel versta. Het leek me blijkbaar een begrip waar voldoende consensus over bestaat. Een begrip wat niet nader onderzocht zou hoeven te worden. Toch blijkt dat nu wat voorbarig want het roept allerlei vragen bij me op.
Mijn eigen beleving van het begrip ziel komt denk ik voort uit mijn Katholieke opvoeding. Ik denk dan aan het deel van mij dat onsterfelijk is. Aan dat deel wat mij ten diepste mij maakt, los van het ego. Maar als ik even verder nadenk, lig ik al gauw in de knoop met mij eigen gedachten hier over.
Afgelopen voorjaar kreeg ik van een vriendin het boekje Windstilte van de ziel van Joke Hermsen kado. Ik had het al wel ingekeken, maar het (om allerlei niet relevante redenen) nog niet gelezen. Dat ben ik vandaag gaan doen en ik werd meteen verrast door haar manier van schrijven (met veel gevoel voor detail). Ze schrijft in dagboekvorm en meteen op de tweede dag dat ze van zich laat horen, maak ik kennis met de vroegtwintigste-eeuwse Franse denker Henri Bergson
Bergson maakt onderscheid tussen mijn handelende ik dat in kloktijd opereert en mijn dieper gelegen zelf dat ingebed is in de tijd als duur. Met het laatste bedoelt hij dat de tijd niet geabstraheerd wordt in kleine stukjes, maar dat alle momenten onderling verbonden zijn. Deze innerlijke tijd rolt ononderbroken voort en neemt alles wat we meemaken met zich mee (het zgn. sneeuwbaleffect). Je bent dus op geen enkel moment dezelfde, want je blijft ervaringen verzamelen. 
Joke Hermsen merkt op dat zij in de dagen dat zij zich over kan geven aan dagdromen en mijmeren, haar dieper gelegen zelf (dat dus ingebed ligt in de tijd als duur) dichter nadert. Hoe meer ze van de kloktijd af raakt, hoe meer ze met dit zelf lijkt samen te vallen. "De grenzen tussen mij en de omringende wereld lijken minder scherp getrokken," schrijft ze. "Dat kan alleen omdat het zelf dat ik mijmerend nader, geen scherp afgebakende identiteit is - zoals mijn bewuste, handelende ik - maar grenzeloos en onbepaald." en "Alleen na zo'n duik in die onderaardse stroom van de tijd kan ik tot iets als een bezielde ervaring komen en lijk ik met mijn zelf én met de wereld om mij heen samen te vallen."
Ik vind dat prachtig gezegd. Het komt voor mij overeen met mijn meditatie-ervaringen. Dat zijn ook onderdompelingen in een diepere stroom van zijn. Inderdaad maak ik dan ook gemakkelijk contact met mijn diepere zelf, lijk ook één te worden met alles en kom ik tot de waardevolle inzichten die ik vaak 'mijn waarheid' noem. 
Wellicht is het dan mijn ziel die spreekt.

Onze fanatieke bewerking van de buitenwereld
zou veel bescheidener moeten zijn,
alsof wij gasten zijn in andermans huis.
Ons echte werkterrein is onze ziel.
Dat is ons huis en dat is onze tuin,
waarin we aan het werk moeten zijn.

- Dr. Hans Moolenburgh - 

woensdag 10 augustus 2011

Levensenergie

Vanmiddag bleek opeens dat moeder en dochter tot middernacht het rijk alleen zouden hebben. Dat is al lang niet meer voorgekomen en er leek onmiddellijk een andere energie vrij te komen.
M. had zin om samen boodschappen te gaan doen in een grote supermarkt in het winkelcentrum van een aangrenzende wijk. Daar zijn we nog een paar winkels ingelopen. Bij de Hema zag ik een leuke kartonnen hoedendoos (althans daar leek het op) met erin nóg twee dozen die er naast elkaar in pasten als twee halve manen. Ik twijfelde even, maar voor de 5 euro die ze ervoor wilden hebben kon ik me daar geen buil aan vallen, leek mij. M. dacht daar blijkbaar anders over en vroeg waar ik ze voor ging gebruiken. Pfff... geen idee, weet ik nog niet, zei ik. Dan kun je het beter niet doen, anders staat het maar ergens, zei mijn dochter heel gedecideerd. Ze nam het ding van me over en zei dat ze het wel even terug zou zetten. Mijn alter ego in miniformaat!
Het werd een gezellig uitje. Thuis de door dochterlief uitgekozen zoutjes in een schaaltje gedaan, iets te drinken erbij, M. pakte een spannend boek en ik ging de boodschappen wegzetten.
Toen ik klaar was stond ik even stil. Midden in de keuken. Even voelen. Wat mij het meest opviel waren mijn stevige benen en mijn voeten op de vloer. Daarna de energie, duidelijk voelbaar, in mijn romp. En mijn hoofd, dat voelde merkwaardig leeg en rustig.
Mijn eerste reactie op het voelen van een overdaad aan energie is denken dat ik als het ware onder stroom sta en dat het dus wel met stress te maken zal hebben. Blijkbaar denk ik dat ik eigenlijk niets zou moeten voelen. Bijzonder vreemd is dat, als ik er goed over nadenk. Dat ik denk dat ik pas rustig ben als ik mijn lichaam bij wijze van spreken niet ervaar.
Ook nu dacht ik stressvol te zijn omdat ik zoveel energie voelde. Maar was dat wel terecht? Ik ben er eens even goed voor gaan staan om de energie in mijn romp goed te ervaren. Het bleek doodgewoon energie te zijn. Ik was blij, gelukkig, en dat veroorzaakte een soort van hyper aan energie. Niets mis mee. Mijn hoofd was leeg, mijn benen stonden stevig op de grond.
Er is mij wéér een keer duidelijk geworden dat ik mijzelf geen eer bewijs met al die ideeën die ik er op na hou over mijn doen en laten, mijn lijf, mijn uiterlijk, mijn kunnen, etc. etc.
Ook dit idee gaat in mijn persoonlijke "Doos van Pandora". Ik ben bang dat ik lang niet alle pre-occupaties opgespoord krijg voordat ik de doos ga vernietigen. Niet erg, dan maak ik er gewoon een maandelijks terugkerend ritueel van, dat kan ook.
's Avonds schrijven is trouwens ook iets waarvan ik dacht dat me dat niet lag.


dinsdag 9 augustus 2011

Zo ben ik nu eenmaal

Het lied van Brigitte heeft me wel aan het denken gezet. Dat nadenken, dat observeren, het lijkt soms vooral vooroordelen ten opzichte van mezelf op te leveren.
Ik raak snel overprikkeld. Ik heb voldoende rust nodig. Ik moet me af en toe terug kunnen trekken. Kermissen, pretparken en binnenspeeltuinen veroorzaken stress bij mij.
Deze uitspraken gaan over mij en dat is niet voor niets zo, want ik ben door schade en schande wijs geworden. Heel legitiem en goed dat ik mezelf zo goed ken ondertussen, want dan kan ik rekening met mijzelf houden, goed voor mezelf zorgen. 
En toch voel ik ook dat het best eens zo zou kunnen zijn dat dit helemaal niet de manier is waarop ik met mezelf om zou moeten gaan. Dat al dat etiketjes plakken best wel eens een averechts effect zou kunnen hebben.
"Live your day as if it's your first," zei Coelho. Bekijk de wereld door de ogen van een nieuweling. Nieuwsgierig, vol verwondering. Deze uitspraak had ook van Tolle kunnen zijn. Ook de boeddhisten houden niet van dat oordelen. Neem het hoe het komt, ga niet van tevoren al verwoorden hoe moeilijk het vast allemaal voor je gaat worden. Open blik, voeten stevig op de grond en gaan met de geit.
Ja, ik geloof dat ik graag af wil van die doos met ideeën die ik de afgelopen jaren over mezelf heb verzameld. Ik wil hem ritueel verbranden en een frisse start maken. Vanaf nu stap ik met nieuwsgierigheid, verwondering en zelfvertrouwen op de dingen af. Alles gaat zoals het gaat en ik deal er ter plekke wel mee.
Ook zo'n doos met ideeën waar je van af wil? Iedereen mag met me meedoen!

(En dan te bedenken dat ik niet eens een verzamelaar ben. Hoort niet eens bij mij, altijd al een hekel aan gehad!)

maandag 8 augustus 2011

De zorg voor mezelf

Ik vind dat lastig: goed voor mezelf zorgen. Het lijkt ook wel of alles daar om draait. En dan blijkt keer op keer óók nog dat die intentie goed voor mezelf te zorgen niet genoeg is om dat proces ook goed te laten verlopen.
Waar ik ook zo moe van word, zijn mijn oordelen over een dag (of week) nog voordat die begonnen is. Deze week bijvoorbeeld, is de laatste week dat de kinderen vrij zijn. Ik weet dus nog niet wanneer en hoe lang ik ongestoord alleen kan zijn op een dag. Dat is meer dan genoeg om te wensen dat deze week maar alvast voorbij was. Ik weet het, ik verzet me tegen wat is en ik denk bij voorbaat te weten wat mij wel en niet goed af gaat. Niet bepaald een open opstelling. "Don't live as if it is your last day, but as if it is your first," zegt Paulo Coelho heel treffend.
Vanochtend vroeg M. of we konden gaan zwemmen. Na wat afwegingen leek mij dat nog niet zo'n slecht plan. Ze mocht een vriendinnetje meenemen en ik zou niet mee gaan zwemmen, maar in de restauratie gaan zitten met een paar boeken. Ik vond dat ik prima voor mezelf aan het zorgen was. Toch merkte ik later op de dag in de supermarkt opeens hoe ontzettend 'op' ik was. Wat ik wilde kopen was er niet en ik had een totale black out toen ik een alternatief wilde bedenken. Liep maar wat rond en kwam tot geen enkele keuze. (Op dit moment neem ik me voor om op een dergelijk moment vanaf nu ALTIJD voor een paar pizza's te kiezen.)
Weer thuis wilde ik nog even een stukje lezen voordat ik zou gaan koken. De meisjes waren enthousiast een computerspelletje aan het spelen. Ze waren echt niet te druk, maar hun stemmen kwamen zo hard en schel bij mij binnen dat ik met mijn handen voor mijn oren heb zitten lezen. Toen het vriendinnetje naar huis was, M. zat te lezen en ik aan het koken was keerde de rust weer terug. 
Achteraf snap ik dat vooral de radio die aanstond in de restauratie me ongemerkt gesloopt heeft. Ik kan niet goed lezen bij achtergrondgeluid en een radio is wel het ergste van het ergste. Het gevolg was dat ik twee uur lang heel hapsnap zowel in een paar tijdschriften als in mijn meegebrachte boeken heb zitten lezen. 
Waar ik mezelf vandaag ook weer eens op betrapte is het voeren van gezellige gesprekjes met vriendjes en vriendinnetjes van de kinderen, terwijl ik normaal gesproken veel vaker stil ben. Ik ben dan bezig de aardige, grappige, geïnteresseerde moeder uit te hangen. Waarom doe ik mezelf dat aan? Ik vind het überhaupt een pijnlijke constatering. Ook wat dit betreft neem ik me voor om me niet anders te gaan gedragen als er iemand bij is. 
DUS:
  • Ik ga kwalitatief goede oordoppen kopen (snap niet hoe het kan dat ik die nog niet heb. Ze zijn onmisbaar, net als een fijne zonnebril)
  • Ik koop in noodgevallen ALTIJD een paar pizza's
  • Ik ga me niet anders meer voordoen dan ik ben of me voel ("If everybody loves you, there is something wrong." (alweer van Coelho) Lijkt me ook een hele bruikbare om in gedachten te houden.)
  • Voor de broodnodige reflectie en relativering luister ik zo nu en dan naar dit nummer van Brigitte Kaandorp:

zondag 7 augustus 2011

Die andere mensen

Het is zondagochtend en ik ben naar boven gegaan om te schrijven. Nu zit ik hier alweer zo'n drie kwartier heb van alles gedaan, maar nu pas met een nieuwe blog begonnen.
Het is duidelijk niet hetzelfde. Thuis zijn en in mijn atelier zitten met nog een gezin beneden waarvan ik niet weet of zich af vragen wanneer ma klaar is, of thuis zitten en aan een blog schrijven terwijl ik weet dat manlief op zijn werk en de kinderen op school zijn. Het is voor mij lastig om me los te maken van anderen. Dat is niet nieuw, maar ik merk het weer eens op.

"What other people think of you is none of your business," zegt Paulo Coelho op zijn Facebookpagina.

Die onthou ik. Lijkt me een hele bruikbare om mezelf in m'n centrum te houden.

foto gemaakt door Joyce

donderdag 4 augustus 2011

Statusangst - slot

En toen kwamen de kinderen ik vandaag thuis van een paar dagen logeren bij opa en oma en vond ik een paar fijne berichten in mijn mailbox. Dat het goed was dat ik er weer was om mijn blog te schrijven en dat ik prettige stukken geschreven had. Dat was mooi, want ik was meteen naar boven gerend om te gaan schrijven.
Sowieso had ik al gemerkt dat ik het rottig vond dat ik na één keer schrijven meteen alweer een paar dagen verstek moest laten gaan. Ik heb dus enorm veel zin om weer op te schrijven wat ik lees of meemaak en wat dat weer met me doet.
Zo heb ik dus op de camping Statusangst van Alain de Botton uitgelezen. Er is mij duidelijk geworden dat rijk worden (wat status heeft in onze moderne tijd) niet voorbehouden is aan de mensen met nobele karaktertrekken, maar ook voorkomt bij bijvoorbeeld de inhaligen, de ongevoeligen en onontwikkelden. Ook is helder geworden dat wat status geeft, bepaald wordt door de groep mensen die het op dat moment voor het zeggen heeft.
Een beetje afstand nemen tot het fenomeen relativeert enorm. Net als de dood (Tolstojs novelle De dood van Iwan Iljitsj is daar een mooi voorbeeld van) of bijvoorbeeld onmetelijke landschappen (eindeloze ruimte) en ruïnes (onmetelijke tijd) waardoor "we even een geruststellende glimp opvangen van onze eigen onbeduidendheid." Het roept een ontzag op voor dingen die veel groter zijn dan wij. Voor een kracht "die we geroepen zouden kunnen zijn oneindigheid of eeuwigheid te noemen of - wat eenvoudiger en misschien zinniger is - God."
De Botton eindigt met te zeggen dat statusangst de prijs is die we betalen voor onze instemming met een algemeen aanvaard verschil tussen een succesvol en mislukt leven. En dan ben ik weer terug bij de boeddhisten die mij leren dat oordelen pijn oplevert.
Vandaag vond ik, naast de bovengenoemde stimulerende berichtjes, ook een mooie Mindfulness Reminder in de mailbox die ik mooi vind passen in het geheel. Het is een citaat van Tom O'Connor:

Your distress about life might mean you have been living for the wrong reason,
not that you have no reason for living.

Het grappige is dat deze quote me net zo aan het denken zet over statusangst als dat hele boek van De Botton. Het komt er toch op neer dat ik zelf ontdek wat voor mij waarde heeft. Mooi is dat toch weer.

(En trouwens: ik zie net dat dit mijn 100e blogtekst is. There you go, girly! )

maandag 1 augustus 2011

Aandachtig zijn

Zo, daar ben ik weer. Een nieuwe start na twee weken vakantie. Even voelen hoe het voelt. Merk dat ik me wat onwennig en onzeker voel na zo'n onderbreking.
Ach ja, laat ik maar gewoon met de deur in huis vallen: ik heb een mooi boekje van de bieb geleend. Aandachtig leven met hooggevoeligheid heet het en het is geschreven door Susan Marletta-Hart.
"Ik zou zo graag in mijn authentieke kracht willen komen, in plaats van elke dag uit mijn centrum gegooid te worden." En "Alleen zijn is een obsessie voor me geworden. Ik denk altijd: wanneer heb ik tijd alleen?" En "Als er mensen bij me zijn, kan ik me niet losmaken van wat ze doen en uitstralen. Het gaat niet alleen om de geluiden, maar ook om wat er onzichtbaar van hen uitgaat. Op een gegeven moment voel ik me altijd uitgeput."
Op de camping had ik me ook al gerealiseerd dat ik me zo moeilijk los kan maken van andere mensen om me heen. Hoe zij het doen, dat kamperen, of ze veel lawaai maken, maar ook wat voor energie ze uitstralen.
Eén gezin dat naast ons stond, riep veel weerzin bij me op. Objectief gezien was daar niet zo duidelijk een aanleiding voor. Al met al werd mij weer eens duidelijk dat ik pas echt tot rust kom als ik alleen ben. Dan ben ik los van die anderen waar ik me aan spiegel, waar ik van alles van vind, waar ik van alles van oppik.
Mijn zwemsessies in de ochtenden deden me heel veel goed. Dat was mijn ding. Me vanuit het trappetje aan de steiger het koude Vechtwater in laten zakken en even een rondje zwemmen. Ik voelde me stoer en fris als ik naar de douches liep in mijn zwempak terwijl de hele camping nog wakker aan het worden was. Ik voelde dat dit was waar IK blij van werd, dat het bij MIJ paste. Het lijkt wel alsof ik dat soort ervaringen vooral heb als ik alleen ben omdat het me alleen dan lukt op mezelf af te stemmen.
Even terug naar het mooie boekje van Susan Marletta-Hart. Op de laatste bladzijden vertelt ze wat voor haar 'aandachtig zijn' inhoudt. Ik typ ze gewoon even allemaal over, want ik vind ze stuk voor stuk heel waardevol.

Aandachtig zijn betekent voor mij...

  •  Verzachten wanneer ik voel dat ik verhard.
  •  Met open aandacht geduldig afwachten wanneer ik merk dat ik op mijn strepen ga staan of streberig mijn doel najaag.
  • Afstemmen op mijn hogere zelf, mijn begeleiders of een liefdevolle macht die mij ondersteunt, wanneer ik voel dat ik verdwaal.
  • Zorgvuldig te worden wanneer ik voel dat ik onzorgvuldig ben.
  • Aandachtig luisteren wanneer ik merk dat ik alleen nog maar praat.
  • Langzaam worden wanneer ik merk dat ik gejaagd en snel ben.
  • Tevoorschijn komen wanneer ik merk dat ik me verstop.
  • Verschillen honoreren wanneer ik merk dat ik niet meer ruimdenkend ben.
  • In overvloed denken wanneer ik om mij heen alleen nog maar beperkingen en tekorten zie.
  • Voor het hoogst haalbare niveau gaan en anderen daartoe aanmoedigen wanneer ik merk dat we onder ons vermogen denken en handelen.
  • Bewust aanwezig zijn wanneer ik merk dat ik met mijn aandacht ergens anders ben.
  • Oordeelloos zijn wanneer ik merk dat ik vol verwijten en oordelen zit.
  • Mijn waarheid vertellen wanneer ik merk dat ik mijzelf aanpas of ondermijn.
  • Misverstanden oplossen wanneer ik merk dat ik niet goed begrepen word of vermoed dat ik de ander niet meer begrijp.
  • Steeds opnieuw keuzes tot samenwerking of commitment maken wanneer ik merk dat de dingen me niet meer raken, een sleur zijn of tegenstaan.
  • Mijzelf erkennen wanneer ik merk dat ik mijzelf ondermijn, geringschat of niet waardig acht.
  • Loslaten wanneer ik krampachtig aan iets vasthoud.
  • En ten slotte: uitrusten wanneer ik merk dat ik moe ben.