zaterdag 20 augustus 2011

Telefoneren met God

Gisteren las ik in Engelen in regenjas van Roel Bentz van den Berg. Dit is ook al zo'n prachtig boek. Hij gebruikt prachtige metaforen en kiest precies de juiste details om een kristalhelder beeld te scheppen. Vind ik.
Eén stukje wil ik jullie niet onthouden omdat het recht bij mij binnen kwam. Gewoonweg omdat ik me erin herken:
"Maar er zijn er ook [mensen] die louter in het feit dat we bestaan al een opdracht zien om regelmatig op de proppen te komen met iets wat recht doet aan het duizelingwekkende van dat gegeven. Er zijn er die om onnaspeurlijke redenen steeds weer de noodzaak voelen persoonlijk antwoord te geven op de vraag waarom er iets is en niet niets.
Voor hen zit er niets anders op dan te blijven oefenen op de grote goocheltruc die daarachter zit: om steeds weer, solo na solo, drummend, schilderend, schrijvend, konijnen uit de hoge hoed van het niets te trekken - en net zo lang te blijven bellen tot ze God zelf aan de telefoon krijgen."


donderdag 18 augustus 2011

Soulfulness

Gisteren dreven er donkere wolken over. Mijn blog leek mij vooral een egoïstische roep om erkenning. Pure ego-tripperij.
Opeens had ik er moeite mee dit alles te relativeren. De moeite en tijd die ik in het schrijven steek, het feit dat het zo'n persoonlijk blog is, de wens dat het ooit tot betaald schrijven gaat leiden; het kwam allemaal in kwaad daglicht te staan.
En opeens miste ik die goeie ouwe tijd waarin ik met mijn vulpen in mijn dagboek schreef. Een bodempje whiskey en een sjekkie binnen handbereik. Weemoed. De stemming van de ziel? vraagt Joke Hermsen zich af.
Weemoed. Vreugde en verdriet vloeien samen.
Soulfulness noemt Zadie Smith het. Ze noemt weemoed de stemming van de zwarte ziel. De Poolse dichteres Wislawa Szymborska omschrijft hetzelfde in haar gedicht Enige woorden over de ziel :

"Vreugde en verdriet
zijn voor haar geen twee verschillende gevoelens.
Alleen als die twee zijn verbonden,
is ze bij ons.

We kunnen op haar rekenen
wanneer we nergens zeker van zijn."

Het zijn prachtige laatste bladzijden die Joke Hermsen schrijft.
Als ze vertelt dat Ziel, seele, soul, etymologisch afstammen van sailian of selian, dat binden of verbinden betekent, dan valt alles op z'n plek. De ziel die verbindt.
Wellicht is de tijd rijp voor soulfulness in plaats van mindfulness, vraagt ze zich af. Mooi. Ik heb mijn gevoelens van weemoed altijd al gekoesterd, maar na het lezen van dit boekje doe ik dat nog meer.

woensdag 17 augustus 2011

Simone Weil en het belang van het wachten

"In het wachten komen we tot een werkelijke aandacht voor de wereld, omdat we tijdens het wachten leeggemaakt worden van onze begrensde en van anderen afgescheiden ik-identiteit, die doorgaans als een obstakel tussen ons en de wereld in staat. In het wachten worden we als het ware veronpersoonlijkt, want ontdaan van de ego-gerichtheid van onze identiteit; daarom ervaren we dat wachten soms ook als bedreigend of onprettig, omdat we de belangen en ambities van ons ik moeten opgeven," zo vat Joke Hermsen de visie van Simone Weil op het belang van het wachten samen. Het is een voorwaarde om met aandacht naar de wereld, naar jezelf en naar de ander te kunnen kijken. Weil onderscheidt dus een 'ik' en een '(onpersoonlijk) zelf'.
Ik moest onmiddellijk aan Eckhart Tolle denken, die in zijn donkerste uren bedacht dat hij niet meer kon leven met zichzelf. Vervolgens drong glashelder tot hem door dat hij blijkbaar altijd met twee was.
Volgens Simone Weil betekent mens-zijn dat je 'het ik' van 'het (onpersoonlijke) zelf' kunt onderscheiden. Zij gaat uit van een ziel die verborgen blijft, zich niet laat kennen, maar diep in ieders hart huist. Wat vind ik dit mooi verwoord! Ik heb gevoelsmatig heel veel moeite met een persoonlijke en concrete invulling van het begrip ziel zoals onder andere Nietzsche het definieerde (De ziel is een ragfijn weefsel van driften en affecten dat zich in de loop van een leven onderhuids vormt).
Het wachten, in de zin van stilstaan, niets doen, aandachtig zijn (mediteren hoort daar voor mij ook bij) is nodig voor het evenwicht tussen 'ik' en 'zelf'. Blijf je je als mens slechts bezig houden met presteren, roem vergaren, dingen doen, rijker worden, dan wordt de ontwikkeling van je 'zelf' verwaarloosd en wellicht zelfs vergeten. Op die manier raak je uit evenwicht.
Ik schreef deze week dat ik na al dat gefilosofeer op mijn weblog, behoefte had aan wat aardsere zaken en de tuin in liep. Het was heerlijk om mijn volle aandacht op 'het kleine' te richten en er foto's van te maken. Ik kan ook intens verlangen naar rust en stilte. Dan ga ik mediteren of trek me terug in mijn atelier. Het doet mij goed deze verlangens serieus te nemen en er ruimte voor te maken.
Ik kom tegemoet aan mijn ziel die mij laat weten dat ik uit evenwicht dreig te raken.

  -Simone Weil -

dinsdag 16 augustus 2011

Levensboom

Vanochtend weer eens gemediteerd. Het viel me meteen op hoe het voor mij te maken heeft met de verbinding tussen beneden (de bron) en boven (de werkelijkheid zoals ik hem waarneem met mijn zintuigen).
Mediteren herstelt de verbinding.
Wat ik ook merkte was dat die verbinding wegviel zodra ik ging denken. Het is alsof ik de luiken dichtgooi op het moment dat ik aan het denken sla. Pas als ik er mee stop, ervaar ik weer openheid. Dat denken gebeurt blijkbaar in afzondering, ergens binnenin mijn hoofd.
Er waren stukken in de tijd dat ik nergens aan dacht, me bewust was van mijn 'open ogen' achter mijn gesloten oogleden en alle andere zintuiglijke indrukken en tegelijkertijd van de oneindigheid daar diep beneden in mij. En toch lag er een vliesje over deze ervaring. Het is een vliesje dat het verschil maakt tussen 'het doen' en 'het zijn' denk ik. Daar lijkt het althans op. Ik kan me herinneren dat ik bij Miek Pot meemaakte dat dit vliesje tijdens het mediteren openscheurde, als een wolkenlucht die opentrekt, waarna alles glashelder werd.
Ik zou zo graag de dingen vanuit die helderheid kunnen doen. Het is mij een vermoeiende bezigheid, dat sluiten en openen de hele tijd. Daarvan ga ik willen dat ik niets zou hoeven, zodat de luiken open kunnen blijven. Maar alleen maar zijn, daar blijft een mens niet van in leven. Er zal toch echt af en toe iets gedaan moeten worden.
Zoals ik het nu zie zou ik die momenten dat er iets gedaan moet worden, tot het minimum willen beperken. Het lijkt zo zonde van de tijd om me bezig te moeten houden met een bezwaarschrift schrijven (de belastingdienst wil geld terug - natuurlijk, die hadden we nog niet gehad) en zoeken naar een baan die ik toch niet wil.
Daar kan ik heel treurig van worden af en toe. En ook van het gros van de mensen dat maar aan het 'doen' is. Allemaal opeenvolgende handelingen die allemaal moeten. Druk, druk, druk. Wil je een afspraak maken om komende maand een weekendje te gaan kamperen, dan zit alles al volgepland. Even ga ik twijfelen aan mezelf, aan ons, want wij hebben dat niet. Maar dat duurt maar even. Het is zo relatief allemaal.
Dat lijntje is heel belangrijk voor mij, dat voel ik wel. Dat lijntje tussen mijn bron, God, en mij in dit aardse leven.
Ik ben als een boom, met wortels in de eeuwigheid en een kruin in het nu.

linosnede gemaakt door Joyce (naar ooit gezien en onthouden plaatje in een Happinez)

maandag 15 augustus 2011

Tuingeluk

Na al dat gefilosofeer over het onstoffelijke had ik gisteren blijkbaar veel behoefte aan wat aardsere zaken.
Ik liep de tuin in. Het was droog, niet koud en er waaide een heel licht windje, als ik niet zo opmerkzaam was geweest, was het me zeker ontgaan.
De dauwdruppels op een soort vetplant vielen mij het eerste op. Ik pakte mijn telefoon en maakte er een paar foto's van. Daarna speurde ik verder in onze sterk verwaarloosde tuin en kwam een hele hoop moois tegen.




zondag 14 augustus 2011

Oervertrouwen

Als ik er van uit ga dat mijn ziel onsterfelijk is, dan bevat hij naast mijn verleden ook mijn eeuwige toekomst. Ik had dit nog niet gedacht of ik las dat de negentiende-eeuwse filosoof Dilthey ook al met die gedachte gekomen was.
Mooi dat mij dat meteen duidelijk gemaakt werd. Meestal is dat niet zo en heb ik er geen idee van of er niet ooit iemand is geweest die op dezelfde manier doorredeneerde als ik. Hoewel, DAT mijn conclusies ooit uiteen gezet zijn door een filosoof mag ik wel aannemen. Grappig, hoe op dit soort momenten dat enorme (kinderlijke) vertrouwen in mezelf zich naar voren dringt. Ik ben uniek. Dit is hoe ik het zie. Dit is mijn waarheid. Niemand heeft dit ooit zo gedacht.
Ik ben dankbaar voor alle kunst die mij aanzet tot nadenken en reflecteren. Over mijzelf, maar ook over mijzelf als mens in de wereld. Ik word daar heel blij van. Het lijkt wel alsof dat, net als mijn eigen creëren, mij in staat stelt te voelen dat ik blij ben dat ik leef. Het werkt bezielend.
Het lijkt wel of bepaalde kunst, maar ook de grootstheid van de natuur en intense ervaringen in het algemeen, mij in staat stellen de luiken te openen zodat bezielende energie door mij heen kan stromen. En die bezielende energie is vol van dat oervertrouwen dat jonge kinderen kenmerkt. Grenzen vervagen, ik ben één met mijn hele verleden en mijn hele toekomst en voel dat alles ten diepste goed is.

foto gemaakt door Joyce
Vegetatie op het vliegerveld voor onze tent op camping de Roos

zaterdag 13 augustus 2011

De ongrijpbare ziel

O, wat benijd ik Joke Hermsen om haar filosofische bagage! Joke J. Hermsen: filosofe, schrijfster. Kun je het mooier krijgen? Op het moment denk ik dat dit wel het summum is van heerlijkheid. Kunnen denken, kunnen interpreteren, kunnen construeren en dat alles op een creatieve manier. Bovendien kan ze het op een prachtige manier opschrijven zodat het mij weer inspireert.
Wat ik lees in haar boekje Windstilte van de ziel boeit me mateloos, maar al die verschillende zienswijzen verwarren ook. Hoe diep moet ik duiken tot ik bij mijn ziel uitkom? Hoe concreet kun je praten over je ziel? Ik schreef al dat mijn ziel voor mij gevoelsmatig te maken heeft met mijn allerindividueelste zijn, wat mij toch het gevoel geeft dat er op een concrete manier van alles over mijn persoonlijke ziel te zeggen zou zijn, waar ik geloof ik niet zo blij mee ben.
Als ik stel dat mijn ziel mij richting kan geven, want zo voel ik het, dan geeft dat aan dat er diep in mij een 'weten' huist. Iets wat mij kan 'bezielen' en waardoor ik enthousiast ergens mee aan de slag ga. Joke Hermsen noemt dit 'het dieper gelegen zelf' dat 'het bewuste ik' kan bezielen.
"Elke schrijver, kunstenaar of musicus weet dat hij vanuit het hoogst particuliere van zijn eigen ervaring en emoties de universele taal van zijn discipline moet openbreken om datgene uit te drukken waar het hem of haar om gaat. Alleen dan kan de kunstenaar tot iets als een eigen signatuur komen. Deze handtekening wordt niet vanuit zijn bewuste ik maar vanuit het dieper gelegen zelf geïnspireerd, omdat daar zijn meest bijzondere, zijn meest 'donkere' geschiedenis ligt verscholen."
Dat vind ik heel mooi gezegd. Toch vraag ik mij af of ik mijn ziel niet in een nog diepere laag moet zoeken. De ziel als nulpunt van onze individualiteit, zoals Meister Eckhart het beschrijft, wat me weer aan de Tao van de Oosterse wijsgeren doet denken. En als ik zo ver ga dat ik mijn ziel als onderdeel van de Tao ga zoeken, hoe kan het dan dat eigene bevatten wat mij nu precies mij maakt?
Mooi, mooi, ik kauw er nog lekker even op door. Het boekje is gelukkig nog lang niet uit.